‘Ik kies mijn eigen weg’

20 november 2009

Mart NooijHij woont in een kaal en donker appartement, aan de Avenue Salvador Allende in Maputo. De pindakaas en hagelslag staan op tafel. De schoonmaakster, met een enorme zwangere buik, scharrelt rond langs de schaarse meubels.

In de hoek staat een laptop, met skype. “Ik heb dagelijks contact met mijn kinderen. Ze vinden het niet altijd makkelijk, maar ik kies mijn eigen weg.”

Aan de muur hangt een leeg whiteboard met de contouren van een voetbalveld. In een oude houten kast staat een tv. Mozambicaanse spelshows schallen de kamer in “Het is een huis van de bond, ik heb hier verder niets nodig.”

Mart Nooij (54) schenkt koffie in. Hij zet een pan met gekookte eitjes op tafel. Een Voetbal International met het hoofd van Willem van Hanegem is de onderzetter. “Mooie vent. Recht voor z’n raap en veel verstand van voetbal.”

Nooij, uit Heemskerk, is nu anderhalf jaar bondscoach van Mozambique. Hij bracht het team van plek 130 naar plek 71 op Fifa-ranglijst. En vanavond kan hij zich plaatsen voor de laatste kwalificatieronde voor het WK2010 en de Afrika Cup van 2010 in Angola. Als hij de uitwedstrijd bij Botswana wint.

Zeven jaar geleden was Nooij nog gymnastiekleraar in Volendam en amateurtrainer. Als KNVB-instructeur belandde hij in Burkina Faso, West-Afrika. Hij was er vijf jaar onder-20-coach, tot hij in januari 2007 in Mozambique een KNVB-cursus gaf aan alle clubcoaches.

Voordat hij het wist was hij bondscoach van Mozambique, vanwege zijn kennis van Burkina Faso. Geen luizenbaantje, volgens Nooij. “Je moet continu scherp zijn, alert zijn. Mes tussen de tanden. Altijd bereid om aan te vallen. Dat idee moeten ze van je hebben. Anders ben je snel weg. Er zijn altijd mensen die aan je stoelpoten zagen.”

Zo was hij na de verloren thuiswedstrijd tegen Botswana keihard tegen de bondsvoorzitter.  “Als je mij eruit gooit, ga jij met mij mee ten onder,” had hij geroepen, waar iedereen bij was. Het werkte, hij mocht blijven. “Je moet hier je tanden laten zien, anders lopen ze over je heen.” Daarom neemt hij ook geen Portugese les meer. “Dat klinkt gek ja, maar de afstand die ik creëer, werkt prima. Dan toon je karakter. Als je je teveel aanpast, verzwak je jezelf.”

Op straat in Maputo wordt hij links en rechts aangeklampt en aangestaard. Hij is duidelijk populair bij de Mozambicanen. “Mooi toch?” Hij vertelt van een vriend, die een voetbalproject opzette, maar met omkoping werd geconfronteerd. “Hij is een idealist. Dan hou je het niet lang vol hier.”

Sinds de Mozambicaanse voetbalbond is ‘overgenomen’ door Indiërs die zich ook met minder zuivere zaken bezighouden, ontstaan soms vreemde situaties. “Gelukkig word ik zelf rechtstreeks door de sponsor betaald, anders was ik allang opgestapt,” zegt Nooij. In augustus haalde Mozambique de finale van de Cosafa-cup. Daar onderhandelden spelers met de Indiase bondsvoorzitter over premies. “Een vreemde toestand. De voorzitter heeft er belang bij dat we verliezen, want dan kost het hem minder. Eén speler onderhandelde nogal fel, die moest ik maar niet meer selecteren. Daar luister ik dus niet naar. Ik volg mijn eigen weg.” In de finale van de Cosafa Cup werd van Zuid-Afrika verloren, maar het land was trots.

Dat was na de thuisnederlaag tegen Botswana (1-2) begin juni niet het geval. De 55.000 in het Machava Stadion waren woedend. Nooij heeft toen een drie dagen in een hotel geslapen. “Je maar tien gekken nodig.”  Het liep goed af. Bovendien versloeg hij twee weken later Madagaskar met 3-0.

“Na zo’n kwalificatiewedstrijd ben ik helemaal kapot. Echt doodmoe. Ik kan me echt niet ook nog met iets anders bezighouden. Daarom is het ook moeilijk als er op het thuisfront iets gebeurt. Zoals mijn vrouw die laatst naar het ziekenhuis moest.”

Vlak voor de beslissende wedstrijd tegen Burkina Faso in juni 2007 belandde Nooij zelf in het ziekenhuis, met een acute blindendarmontsteking. Het ging bijna mis. Het verhaal dat hij niet meer leefde ging als een lopend vuurtje door Maputo. Het werd dan als een heus wonder gezien, dat Nooij, zijn lijf vol pijnstillers, opeens in het stadion verscheen. En Mozambique won ook nog 3-1. Hij was de held.

Na zes jaar weet hij waar het aan schort in het Afrikaanse voetbal. “Wat Afrika nodig heeft is structuur. Talenten genoeg. Als je hier iets wilt bereiken, moet je bij de dorpshoofden beginnen. De voetbalhelden van weleer moeten eigenlijk het voortouw nemen, maar die vallen soms diep. “Mario Coluna, de aanvoerder van Benfica én Portugal in de jaren zestig, was hier bondsvoorzitter. Maar inmiddels is hij flink aan de drank.”

Discipline is belangrijk, maar soms moet je de teugels laten vieren, denkt Nooij. “Als we een uitwedstrijd spelen komen er profs binnenvliegen uit Griekenland, Denemarken en Saoedi-Arabië, met een dikke portemonnee. Wie ben ik dan, amateurtrainertje uit Heemskerk, om te zeggen dat ze drie dagen in het hotel moeten blijven? Als we dan winnen of gelijkspelen, mogen ze van mij de stad in. Als ze maar op tijd, én nuchter, in het vliegtuig zitten.”

Toen hij begon verwachtte men wonderen. “Ik zei hier toen op tv: ‘Waarom de Afrika Cup spelen? Wil je het lachertje van Afrika worden? Laten we eerst maar eens een behoorlijke pot voetbal op de mat leggen.’ Dat vonden ze prachtig.” Hij selecteerde jonge talenten, prikkelde ervaren spelers en introduceerde een aanvallende speelstijl. Begin september werd het thuis tegen het grote Ivoorkust 1-1. Nooij: “De pers dat je elke thuiswedstrijd moet winnen. Maar het publiek was tevreden. En president Guebuza, die in het stadion was, sprak zijn bewondering uit.”

Maar alles hangt af van de wedstrijd van vanavond. “Mozambique is sinds tien jaar niet meer zo dicht bij een kwalificatie geweest. Er komen twaalfhonderd supporters naar Botswana, voor Mozambique ongekend.” Zijn strijdplan is klaar. “Ik benader het duel als een thuiswedstrijd. Zelf het initiatief nemen, goed positiespel, en veel druk als de tegenpartij in balbezit is.”

Hij zegt nog niet te weten of hij blijft, mocht Mozambique uitgeschakeld worden. “Eerst deze wedstrijd, daarna zien we wel.” Maar Nooij is niet zo honkvast. Hij kan altijd nog naar Kirgizië, waar nu een broer van hem nu bondscoach is. “Daar zijn grote mogelijkheden.”

Zo’n klus zou Nooij best met Van Hanegem willen doen. “Een eenvoudige man. Maar opleiding of welbespraaktheid is vaak ook een masker. Als het erop aankomt, gaat iedereen met de billen bloot. Dan moet je karakter tonen. Ik zou wel assistent van hem kunnen zijn, dat is wel een droom. Dan zorg ik wel dat hij uit de wind blijft.”

Geef een reactie